Kort nieuws

1. Afwijken uren bij min-maxcontract
Bij een min-maxcontract mag het minimum aantal uren niet te veel afwijken van de werkelijke situatie. Indien een werknemer langere tijd structureel meer werkt, getuigt het van goed ondernemerschap als de ondergrens in het contract naar boven wordt bijgesteld. Een min-max contract biedt de werknemer garantie-uren met een marge naar boven, bijvoorbeeld 5-40 uur per week. Als werkgever kan zo’n contract handig zijn indien u verwacht dat er tijdens onregelmatige periodes meer werk is dan gemiddeld. Alleen in de situatie waarbij er gedurende ten minste een jaar structureel meer uren gewerkt wordt, kan via de rechter een verhoging van het minimum aantal uren in het contract worden geëist. Denk hierbij aan bijvoorbeeld een gemiddelde werkweek van 37,5 uur bij een contract van 5-40 uur per week. U voorkomt als werkgever een dergelijke claim door een realistisch minimum aantal uren vast te leggen. U kunt hiernaast ook opletten dat u de betreffende werknemer niet structureel meer uren inzet.

2. Ondernemer of in dienstbetrekking?
U bent ondernemer zonder personeel, u heeft verschillende opdrachtgevers en u loopt ondernemersrisico? Kortom, volgens u is er geen enkele twijfel dat u een echte ondernemer bent. Toch wil één van uw opdrachtgevers uw vergoeding aanmerken als loon uit dienstbetrekking. Kan dat? Ja, dat kan. Voor het beoordelen of sprake is van een dienstbetrekking gelden de volgende criteria: het persoonlijk verrichten van arbeid; tegen een vergoeding; waarbij sprake is van een gezagsverhouding die zou kunnen worden aangemerkt als werkgeversgezag. Ook als u een echte ondernemer bent kan dus ten opzichte van bepaalde opdrachtgevers sprake zijn van een dienstbetrekking. Het één sluit het ander dan ook niet uit. Indien u een modelovereenkomst sluit met uw opdrachtgever kan uw opdrachtgever zekerheid krijgen over de loonheffingen. U moet dan wel daadwerkelijk volgens de afspraken in deze modelovereenkomst werken.

3. Van privérekening naar zakelijke rekening
Het kan nodig, maar ook aantrekkelijk zijn om vermogen op een privérekening over te brengen naar een zakelijke rekening. Daar is niets mis mee, mits u de spelregels van vermogensetikettering in acht neemt. Vermogensetikettering wil zeggen dat u een vermogensbestanddeel moet aanmerken als verplicht privé-, ondernemings- of keuzevermogen. Van ondernemingsvermogen kan sprake zijn wanneer u geld vanuit uw privérekening overboekt naar uw zakelijke rekening omdat u het geld op korte termijn nodig heeft binnen uw onderneming. Gebruikt u het geld in werkelijkheid niet binnen uw onderneming dan blijven de op de zakelijke rekening geboekte liquide middelen voor u gewoon tot uw box 3-vermogen behoren. De tenaamstelling en het karakter van een bankrekening (privé of zakelijk) zijn dus niet bepalend voor de fiscale kwalificatie. Het gaat erom waarvoor het geld is bestemd, voor gebruik binnen uw IB-onderneming of voor eigen gebruik.

4. Bedenktijd na beëindigingsovereenkomst
Scheiden de wegen tussen u en een werknemer door middel van een beëindigingsovereenkomst, dan heeft de werknemer een bedenktermijn van twee weken, mits u deze bedenktijd schriftelijk vastlegt in de beëindigingsovereenkomst. Wanneer de bedenktijd niet in de overeenkomst zelf wordt vermeld, geldt een termijn van drie weken. Gedurende deze wettelijke bedenktermijn kan de werknemer zonder opgaaf van reden door een schriftelijke verklaring aan de werkgever de overeenkomst ontbinden. De bedenktijd gaat officieel in op de datum wanneer de overeenkomst daadwerkelijk is ondertekend. Eerdere mondelinge afspraken of een voorlopige overeenstemming per e-mail over het beëindigen van een arbeidsovereenkomst gelden niet als start voor de twee weken bedenktijd. Voor werkgevers is het daarom van belang dat, na overeenstemming, de officiële papieren zo snel mogelijk worden ondertekend en zijn voorzien van de juiste datum.

5. Vergeet btw over plastic tas niet
Verstrekt u sinds dit jaar tegen een geringe vergoeding plastic tassen aan uw klanten? Dan bent u verplicht hier 21% btw over af te dragen. Vergeet deze niet mee te nemen in uw btw-aangifte. Neem de verkoop van plastic tassen daarom op als vaste post in uw financiële administratie. De verschuldigde btw over de plastic tas mag worden afgerond op hele centen. Maar let op, de gekozen methode dient consistent te worden toegepast. Een tassenverzamelpunt is een goed alternatief voor de verkoop van plastic tassen. Op deze manier kunnen klanten hun tassen hergebruiken. In dit geval is btw-heffing niet aan de orde. Ook mag u nog gratis papieren, stoffen en jute tassen aan klanten verstrekken. Zolang deze maar niet zijn voorzien van een plastic coating of voering.

6. Transitievergoeding
Sinds 1 juli 2015 bent u als werkgever een transitievergoeding verschuldigd wanneer een tijdelijke of vaste werknemer ten minste twee jaar bij u in dienst is geweest en zijn arbeidscontract op uw initiatief is beëindigd. De transitievergoeding bent u ook verschuldigd wanneer u een zieke werknemer na twee jaar loondoorbetaling ontslaat. Minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid erkent dat dit onredelijk kan uitpakken voor werkgevers die aantoonbaar hun best hebben gedaan voor re-integratie van hun zieke werknemers. Hij is daarom bereid tot aanpassing van de verplichte transitievergoeding, maar wil daarvoor eerst in gesprek met de werkgeversorganisaties en vakbonden. Of werkgevers in de toekomst geen vergoeding zijn verschuldigd bij ontslag van hun werknemer na twee jaar ziekte en voldoende re-integratie pogingen, blijft voorlopig onduidelijk.

Zoek dichtstbijzijnde locatie

Vul uw plaats of postcode in om de dichtstbijzijnde locatie te vinden.