Kort nieuws

1. Doelmatigheidsgrens voor voorlopige aanslag vennootschapsbelasting
De meeste bedrijven die vennootschapsbelasting moeten betalen, kunnen in januari een voorlopige aanslag van de Belastingdienst tegemoet zien. Daarbij houdt de Belastingdienst voortaan rekening met een doelmatigheidsgrens.

Dat betekent dat een voorlopige aanslag vennootschapsbelasting alleen wordt opgelegd als het te betalen of te ontvangen bedrag € 100 of meer is. De doelmatigheidsgrens geldt voor voorlopige aanslagen die lopende het jaar worden opgelegd. Overigens geldt de doelmatigheidsgrens niet als u zelf verzoekt om een voorlopige aanslag vennootschapsbelasting.

In de voorlopige aanslag vennootschapsbelasting 2015 baseert de Belastingdienst zich op gegevens van vorige jaren. Nu kan uw bedrijfssituatie er dit jaar heel anders uitzien. Controleer daarom de voorlopige aanslag goed. Verwacht u een hogere of een lagere belastbare winst dan waar de Belastingdienst in de voorlopige aanslag vanuit gaat, neem dan contact met ons op. Wij kunnen samen met u bekijken of het verstandig is om de voorlopige aanslag te wijzigen.

2. Hoe hoog is uw inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet?
Als directeur-grootaandeelhouder bent u meestal niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen. U betaalt dan zelf de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw). Dat gebeurt door inhouding van de bijdrage op uw nettoloon.

Voor u geldt in 2015 een lage bijdrage van 4,85% (2014: 5,4%) over een maximumbijdrageloon van € 51.976 (2014: € 51.414). De inkomensafhankelijke bijdrage kan dus niet meer bedragen dan € 2.520.

Let op!
Uw bv mag u een vrijwillige vergoeding geven voor de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw. Dit is echter niet voordelig, want de vrijwillige vergoeding is een brutovergoeding. Dat betekent dat over de vergoeding loonheffing én zorgverzekeringspremie moeten worden betaald. De bv kan ook kiezen om de belastbare vergoeding te laten vallen in de vrije ruimte van de werkkostenregeling. Dit gaat dan wel ten koste van andere vrije vergoedingen.

Bent u wel verzekerd voor de werknemersverzekeringen, dan is de bv als werkgever de werkgeversheffing Zvw verschuldigd. U betaalt dan zelf geen bijdrage over uw loon. Voor de werkgeversheffing Zvw geldt in 2015 het hoge percentage van 6,95% (2014: 7,5%) over een maximumbijdrageloon van € 51.976 (2014: € 51.414).

3. Innovatiebox steeds populairder
De innovatiebox wint aan populariteit. Het aantal bedrijven dat hier gebruik van maakt neemt jaarlijks toe met circa 400. Dit blijkt uit een brief van staatssecretaris Wiebes van Financiën aan de Tweede Kamer over het gebruik van de innovatiebox in de jaren 2010 tot en met 2012. Later dit jaar volgt nog een evaluatie.

In 2010 maakten 910 bedrijven gebruik van de innovatiebox in de vennootschapsbelasting. In 2011 is dit aantal opgelopen naar 1419 om naar verwachting in 2012 uit te komen op ruim 1800 gebruikers.

De innovatiebox is een fiscaal instrument in de vennootschapsbelasting om innovatie te stimuleren. Hiermee kunt u aanzienlijk belasting besparen, want op verzoek geldt een effectieve heffing van 5%. Om de innovatiebox toe te kunnen passen, moet u winst behalen met een door u zelf ontwikkeld immaterieel activum waarvoor u een octrooi (of kwekersrecht) of een S&O-verklaring heeft gekregen. De voorwaarden zijn streng en er geldt een boxdrempel.

Kunt u de innovatiebox toepassen dan mag u sinds 2013 ook kiezen voor een wat meer gebruiksvriendelijke forfaitaire regeling. Deze houdt in dat u 25% van uw totale winst mag aanmerken als voordeel voor de innovatiebox. De forfaitaire regeling kent een maximum van € 25.000 en is maximaal drie jaar toepasbaar. Daarna kunt u nog wel op de normale wijze de innovatiebox gebruiken.

4. Minder opbouw oudedagsreserve in 2015
Ondernemers in de inkomstenbelasting kunnen gebruik maken van een speciale fiscale faciliteit om te sparen voor de oude dag: de oudedagsreserve. Dit jaar kunt u iets minder van de door u behaalde winst toevoegen aan deze oudedagsreserve. Het percentage is namelijk omlaag gegaan van 10,9% naar 9,8%. Ook het maximumbedrag is verlaagd.

Voldoet u aan het urencriterium en heeft u aan het begin van het jaar de AOW-leeftijd nog niet bereikt, dan mag u een deel van de winst toevoegen aan de oudedagsreserve. U betaalt over dit deel dan nog geen inkomstenbelasting. Dit jaar bedraagt de toevoeging aan de oudedagsreserve 9,8% van de winst, met een maximum van € 8.631 (2014: € 9.542).

De oudedagsreserve mag in principe niet meer bedragen dan het ondernemingsvermogen en de toevoeging wordt verminderd met eventuele pensioenpremies (bij verplichte deelname aan een beroeps-of bedrijfstakpensioenregeling) die van de winst worden afgetrokken. U kunt overigens deze pensioenpremies alleen in aanmerking nemen bij het bepalen van de winst als de premies binnen de fiscale begrenzingen blijven.

Let op!
De oudedagsreserve zorgt voor uitstel van belastingheffing, maar niet voor afstel. Op enig moment, vaak als u stopt met de onderneming, moet u afrekenen. Toevoegen aan de oudedagsreserve is meestal alleen aantrekkelijk als u nu in de hoogste belastingschijf zit.

5. Mogelijk volgend jaar wijziging eigenbeheerpensioen
Er is nog steeds geen pasklare oplossing voor de problemen met het pensioen in eigen beheer. Inmiddels wordt hard gewerkt aan mogelijke oplossingsrichtingen. Binnen nu en enkele maanden volgt meer duidelijkheid. Het streven is om per 2016 het pensioen in eigen beheer te wijzigen.

Het pensioen in eigen beheer in zijn huidige vorm kent een aantal knelpunten, die grotendeels worden veroorzaakt door het verschil tussen de fiscale en commerciële waardering van de pensioenverplichtingen. Vanwege de vele problemen zijn er enkele oplossingsrichtingen geschetst die op dit moment nader worden uitgewerkt. Een van de oplossingen waar het kabinet aan denkt is het invoeren van een geheel nieuw systeem: een oudedagsbestemmingsreserve. Deze reserve dient dan als vervanging van het pensioen in eigen beheer. De komende maanden moet blijken naar welke oplossingsrichting de voorkeur uitgaat. Zodra die duidelijkheid er is, zal een wetsvoorstel volgen. Het streven is dat per 1 januari 2016 de wijziging van het pensioen in eigen beheer van start gaat. Of dit haalbaar is moet nog blijken, want zorgvuldigheid gaat voor snelheid.

6. Schenken in 2015
Over een schenking moet in de regel schenkbelasting worden betaald. Gelukkig zijn er ook vrijstellingen, bijvoorbeeld voor een schenking aan uw (klein)kinderen.

Dit jaar mag u een maximumbedrag van € 5.277 belastingvrij schenken aan uw kinderen. Is uw zoon/dochter of diens partner tussen de 18 en 40 jaar oud, dan mag u eenmalig belastingvrij een bedrag schenken van € 25.322. Deze eenmalig verhoogde vrijstelling kan nog verder worden verhoogd tot € 52.752 als uw kind het geld gebruikt voor een buitengewoon dure studie of voor de eigen woning. Opa en oma mogen hun kleinkinderen dit jaar verrassen met een belastingvrije schenking van maximaal € 2.111.

Let op!
De tijdelijk verruimde schenkingsvrijstelling van € 100.000 voor de eigen woning is per 1 januari 2015 beëindigd.


Bij de samenstelling van de teksten is naar uiterste betrouwbaarheid en zorgvuldigheid gestreefd. Onze organisatie kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele onjuistheden en de gevolgen hiervan.

Zoek dichtstbijzijnde locatie

Vul uw plaats of postcode in om de dichtstbijzijnde locatie te vinden.