Loonbelasting / sociale verzekeringen

Sectorindeling
Op 9 januari heeft de Hoge Raad uitspraak (ECLI:NL:HR:2015:33) gedaan inzake een geschil over de sectorindeling. Belanghebbende, een uitzendbureau, meende dat zij ingedeeld kon worden in sector 35 gezondheid omdat zij nagenoeg overwegend actief was in de Zorg. Volgens de Hoge Raad ging de vlieger niet op. Zij overwoog hierbij ondermeer dat de bedrijvigheid van de onderneming een uitzendbureau en geen zorginstelling. Relevanter in onze optiek is dat de vennootschap werknemers in dienst had op basis van een contract waarin een zogenaamd uitzendbeding was opgenomen. In dat geval kan de inlener in veel gevallen per dag afscheid nemen van de werknemer hetgeen hoge werkloosheidsrisico’s met zich brengt.

Voor de praktijk is van belang te weten dat het voor uitzendbureau’s wel degelijk mogelijk is ingedeeld te worden in de vaak goedkopere vaksector. Hiertoe moeten de arbeidscontracten zijn aangegaan zonder uitzendbeding en dient het personeel voor het grootste deel van de loonsom te worden uitgezonden naar één specifieke vaksector. Dit kan, veelal met terugwerkende kracht, forse premiebesparingen opleveren!

“Nieuwe” gebruikelijkloonregeling
In het Belastingplan 2015 is een aantal wijzigingen doorgevoerd in de gebruikelijkloonregeling (art. 12a Wet LB). De gebruikelijkloonregeling regelt op welk bedrag het loon minimaal moet worden gesteld indien een werknemer arbeid verricht ten behoeve van een lichaam waarin die werknemer of zijn partner een aanmerkelijk belang heeft (DGA’s).

Een van de wijzigingen in de gebruikelijkloonregeling is de aanpassing van de doelmatigheidsmarge. De doelmatigheidsmarge mag worden toegepast indien een zakelijk loon hoger is dan € 44.000 (bedrag 2014 en 2015). Op grond van de huidige doelmatigheidsmarge mag het loon van de DGA 30% lager worden gesteld dan het zakelijke loon, met een minimum van € 44.000. De doelmatigheidsmarge wordt in het wetsvoorstel verlaagd van 30% naar 25%.
Daarnaast wordt het begrip “soortgelijke dienstbetrekking” vervangen door het ruimere begrip “meest vergelijkbare dienstbetrekking”, de definitie van het begrip “verbonden lichaam” en de berekeningswijze verandert.

Als het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager is dan het zakelijke loon van € 44.000, dan mag de doelmatigheidsmarge van 25% niet worden toegepast. Als het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking hoger is dan € 44.000, dan mag de doelmatigheidsmarge wel op het loon worden toegepast, maar bedraagt het loon ten minste € 44.000.

Voor het jaar 2015 is voorzien in overgangsrecht. De Belastingdienst heeft met ingang van 1 januari 2015 alle bestaande afspraken opgezegd waarbij een gebruikelijk loon van meer dan € 44.000 is overeengekomen. De inhoudingsplichtige mag zo’n opgezegde afspraak echter blijven toepassen als het afgesproken loon wordt verhoogd tot 75/70e van het loon in 2014 en de feiten en omstandigheden gelijk blijven. Een nieuwe afspraak komt dan pas aan de orde indien de Belastingdienst of de inhoudingsplichtige daarvoor contact opneemt, of als de geldigheidsduur van de oorspronkelijke afspraak is verstreken.

We adviseren DGA’s om hun salaris te toetsen aan de “nieuwe” gebruikelijkloonregeling en voor zover nodig het salaris dienovereenkomstig aan te passen. Vergeet ook niet te toetsen of het gebruikelijk loon van uw partner op het juiste bedrag is vastgesteld. Uiteraard kunnen we u hierover adviseren en u helpen bij het vaststellen van het gebruikelijk loon.

Zoek dichtstbijzijnde locatie

Vul uw plaats of postcode in om de dichtstbijzijnde locatie te vinden.