Tips voor alle belastingplichtigen

1. Houd rekening met de nieuwe tarieven in box 3
Met ingang van 1 januari 2017 verandert het uiterlijk van box 3. Het vaste forfaitaire rendement van 4% wordt vervangen door drie schijven met jaarlijkse veranderende rendementen. Voor de peildatum 1 januari 2017 zijn deze als volgt vastgesteld:

Vermogensschijf Vermogen (na aftrek heffingsvrij vermogen) Forfaitair rendementspercentage 
1  Minder of gelijk aan € 75.000 2,87%
 Meer dan € 75.000 of minder of gelijk aan € 975.000 4,60%
 Meer dan € 975.000 5,39%

Het tarief in box 3 blijft wel 30%. Het heffingsvrij vermogen (een vast bedrag dat vrijgesteld is van belasting) wordt verhoogd naar € 25.000 per persoon.

Let op!
De nieuwe tarieven zijn voordeliger voor de lagere vermogens en nadeliger voor de hogere vermogens. Het omslagpunt ligt rond een vermogen van € 245.000 Tot dat vermogen betaalt u in 2017 effectief minder belasting over uw vermogen dan in 2016. Is uw vermogen groter, dan zult u in 2017 effectief meer belasting betalen over uw vermogen.

2. Beleg groen in box 3
Wilt u uw box 3 vermogen verlagen, denk dan ook eens aan groene beleggingen. Voor groene beleggingen geldt een vrijstelling in box 3 van maximaal € 57.213 (bedrag 2016). Heeft u een fiscale partner, dan bedraagt de vrijstelling voor u en uw partner gezamenlijk zelfs het dubbele (€ 114.426). Naast de vrijstelling in box 3 heeft u ook nog recht op een heffingskorting van 0,7% van het vrijgestelde bedrag in box 3.

Tip:
Check wel altijd eerst of het fonds waarin u wilt beleggen door de Belastingdienst is aangewezen als een groen fonds. Is dat niet het geval, dan geldt de vrijstelling en de heffingskorting namelijk niet.

3. Koop uw zaken voor persoonlijk gebruik nog dit jaar
Alle roerende zaken die voor persoonlijke doeleinden worden gebruikt of verbruikt, hoeft u niet op te geven in box 3. Bij roerende zaken kunt u denken aan inboedel, een auto, boot of caravan maar bijvoorbeeld ook aan juwelen of een duur horloge. Bent u van plan binnenkort een dergelijke aanschaf te doen, zorg dan dat u deze aanschaf uiterlijk 31 december heeft gedaan en betaald. In de box 3 heffing per 1 januari 2017 zal dit vermogen dan niet meer worden meegenomen.

Let op!
Er geldt een antimisbruikmaatregel. Kan de Belastingdienst namelijk aannemelijk maken dat u de zaken hoofdzakelijk ter belegging heeft gekocht, dan behoren deze zaken wel tot het vermogen in box 3. Ook als u deze zaken tevens persoonlijk gebruikt.

4. Investeer in kunst en wetenschap
Ook voorwerpen van kunst en wetenschap zijn vrijgesteld in box 3. Wilt u uw box 3-vermogen per 1 januari 2017 verlagen, overweeg dan een investering in voorwerpen van kunst of wetenschap.

Tip:
Ook hier geldt een antimisbruikmaatregel. De vrijstelling geldt niet als de voorwerpen voor ten minste 70% ter belegging dienen.

5. Word energieleverancier
Investeert u in zonnepanelen, dan levert dat een aantal financiële en fiscale voordelen op. De zonnepanelen hoeft u namelijk niet in box 3 op te geven, waardoor u een besparing in box 3 realiseert. Daarnaast kunt u de btw met betrekking tot de zonnepanelen terugvragen bij de Belastingdienst. U wordt namelijk als particulier met zonnepanelen voor de btw aangemerkt als ondernemer. Tenslotte gaan uw energiekosten omlaag omdat u zelf een deel van uw energie opwekt via de zonnepanelen. Door al deze voordelen zal het rendement op de zonnepanelen vele malen hoger zijn dan vandaag de dag op een gewone spaarrekening. Investeer daarom in zonnepanelen en word uw eigen energieleverancier.

6. Pleeg nog dit jaar onderhoud aan uw monumentenpand
Particuliere eigenaren kunnen de kosten van onderhoud aan hun rijksmonumentenpand in 2016 nog fiscaal in aftrek brengen. Vanaf 2017 is dit niet meer mogelijk omdat de aftrek van monumentenpanden wordt afgeschaft. Hiervoor in de plaats komt een subsidieregeling voor sober en doelmatig onderhoud van 25% van de onderhoudskosten. Hierbij komen onderhoudskosten van minimaal € 2.000 en maximaal € 10.000 voor subsidie in aanmerking. Per saldo bedraagt de subsidie derhalve minimaal € 500 en maximaal € 2.500 per jaar. Voor grootschalige ingrepen kan volledige financiering bij het revolving fund worden aangevraagd. Vanaf 2019 komt een heel nieuw financieel stelsel voor monumentenzorg.

Er komt een overgangsregeling in 2017 en 2018 in de vorm van een subsidieregeling voor eigenaren die onomkeerbare financiële verplichtingen zijn aangegaan. Deze overgangsregeling betreft een subsidie van 40% van de potentieel fiscaal aftrekbare onderhoudskosten. Deze subsidie moet in de periode van 1 januari 2017 tot 1 maart 2017 worden aangevraagd. Voorwaarde is dat de aanvrager aantoont dat hij in zijn investeringsplan is uitgegaan van de verwachting dat hij recht zou hebben op de fiscale aftrek voor monumentenpanden. Dit aantonen kan bijvoorbeeld door overlegging van een mededeling van de BBM (Belastingdienst Bureau Monumentenpanden) over de hoogte van de potentiële aftrek of een offerte van een bank waarbij rekening is gehouden met de aftrek. Daarnaast moet een verplichting met een financier of aannemer voor 1 januari 2017 zijn aangegaan.

Tip:
Pleeg en betaal uw onderhoud nog zoveel mogelijk in 2016. U kunt dan in ieder geval nog gebruik maken van de fiscale aftrek. Lukt dat niet, beoordeel dan of u in aanmerking komt voor de overgangsregeling.

7. Stel uw opleiding niet langer uit
Particulieren die een opleiding of studie voor een beroep volgen, kunnen alleen nog in 2016 en 2017 de kosten hiervan in aftrek brengen als scholingsuitgaven. Met ingang van 2018 vervalt deze aftrekpost. In plaats daarvan komt een regeling met scholingsvouchers voor mensen die uit zichzelf minder snel geneigd zijn om scholing te volgen, maar waarvan het maatschappelijk belang van scholingsdeelname groot is. De exacte invulling van de nieuwe regeling is nog niet bekend en wordt naar verwachting in het voorjaar 2017 in de Staatscourant gepubliceerd.

De verwachting is dat de scholingsvouchers met name terecht zullen komen bij mensen met een hoogste genoten opleiding op het niveau mbo-4 en mensen met maximaal een havo/vwo-diploma. Hoger opgeleiden zullen naar verwachting alleen toegang krijgen tot de regeling indien ze werkzaam zijn in een kwetsbaar beroep of sector. Voor de scholingsvouchers komt in periode 2018-2022 maximaal € 90,8 miljoen beschikbaar per jaar, daarna maximaal € 112 miljoen per jaar. Dit is een halvering van het budgettaire beslag van de aftrek scholingsuitgaven dat voor 2018 geraamd was op € 218 miljoen per jaar.

Let op!
De scholingsvouchers zijn bedoeld voor een gerichte doelgroep. De kans is aanwezig dat u niet tot deze doelgroep behoort. Start daarom nog dit jaar een opleiding of studie voor een beroep en profiteer nog tot en met 2017 van de fiscale aftrek.

Tip:
Er komt mogelijk nog een overgangsregeling voor studenten die een langdurige opleiding zijn aangegaan op het moment dat nog niet bekend was dat de aftrek scholingsuitgaven zou worden afgeschaft.

8. Koop nog dit jaar een lijfrente
Koop nog dit jaar een lijfrente of stort op uw lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht en creëer daarmee een extra aftrekpost. De betaalde bedragen zijn alleen aftrekbaar als sprake is van onvoldoende pensioenopbouw. Dit wordt bepaald aan de hand van de jaar- en reserveringsruimte. Laat u vooraf informeren over alle voorwaarden en de hoogte van de maximaal aftrekbare premie.

Tip:
Zorg dat u de bedragen in 2016 betaalt! Alleen dan kunt u deze nog in aftrek brengen in uw aangifte inkomstenbelasting 2016.

9. Voorkom belastingrente: verzoek om een voorlopige aanslag
Met betrekking tot uw aanslag inkomstenbelasting 2015 rekent de Belastingdienst vanaf 1 juli 2016 een rente van 4%. Dit is hoog, zeker in vergelijking met het huidige rendement op een spaarrekening. Voorkom dat u deze hoge rente verschuldigd wordt en controleer of uw voorlopige aanslag juist is. Is deze te laag, vraag dan zo snel mogelijk een nieuwe voorlopige aanslag aan.

Tip:
Vraag ook een nieuwe lagere voorlopige aanslag aan als uw voorlopige aanslag te hoog is. In tegenstelling tot vroeger kunt u niet meer “sparen” bij de Belastingdienst. De Belastingdienst vergoedt namelijk over het algemeen geen rente meer over een te hoge aanslag.

10. Vraag middeling aan bij schommelende inkomsten
Heeft u de afgelopen jaren sterk schommelende inkomsten gehad in box 1, dan heeft u misschien meer belasting betaald dan bij gelijkmatige inkomsten het geval zou zijn. In zo’n geval kunt u door middel van middeling proberen geld terug te vragen bij de Belastingdienst. Middeling vindt plaats door voor drie aaneengesloten kalenderjaren uit te gaan van de gemiddelde inkomsten. Houd hierbij rekening met een drempel van € 545. Alleen het meerdere boven deze € 545 krijgt u van de Belastingdienst terug.

Let op!
Middeling gaat niet automatisch. U moet hiervoor zelf een schriftelijk verzoek indienen bij de Belastingdienst.

Zoek dichtstbijzijnde locatie

Vul uw plaats of postcode in om de dichtstbijzijnde locatie te vinden.